De Spagaat van Het Nieuwe Werken

14 jul 2011
.
Door: Jan Lievers
No votes yet.
Please wait...

4
(0)

Nu we eindelijk alle technieken hebben ontwikkeld en in steeds toenemende mate alle middelen in huis hebben om “Het Nieuwe Werken” ook in de praktijk waar te maken, zie ik om mij heen een heleboel koudwatervrees. En ik vind dat logisch.

Immers, de roots van het zittend management stamt vrijwel zonder uitzondering nog uit het industriële tijdperk waar het registreren van werktijden gebruikelijk was en werknemers vooral betaald werden voor de tijd dat zij fysiek aanwezig waren op de werkplek.

Ook nu nog zijn er talloze bedrijven aan te wijzen waar het op deze wijze van werkuren registreren nog lang niet weg te denken valt. Vooral bij bedrijven waar het fysieke werken van belang is.

In de dienstverlenende wereld is er een voorzichtige, maar duidelijke en onomkeerbare beweging op gang gekomen. Werknemers worden niet alleen meer betaald voor de uren die zij op het bedrijf werkzaam zijn, maar óók naar de uren die zij daar om buiten voor het bedrijf actief zijn. Dat kan thuiswerken zijn – daarvan ligt de productiviteit  hoger – maar dat kunnen ook uren zijn die iemand elders werkt. Niet thuis en ook niet op het bedrijf, maar bijvoorbeeld onderweg (trein) of voor mijn part tijdens een weekendje weg.

Je wordt niet per uur betaald

Ik heb meer dan een jaar of tien geleden al eens tegen onze mensen geroepen: “Heb alsjeblieft niet de illusie dat je per uur wordt betaald. Je wordt betaald voor wat je hoofd en je hart voor ons doen”. En alhoewel onze mensen dat begrepen, gingen we die dag gewoon tegen vijf-zes uur naar huis.

Nu we tijdens de laatste jaren ook op dit gebied een enorme verandering hebben ondergaan en onze mensen – zowel de “nieuwere als de oudere” collega’s- ook veel van huis uit werken, is het moment gekomen na te denken over de toekomstige structuur van ons bedrijf.

Face to face

Jazeker, het rendement van deze  “werkuren” (mag ik die nog wel zo noemen?) is hoog. Veel hoger ook dan die van de uren op de zaak. En al is het even wennen: in de praktijk lijdt het contact er niet onder. De communicatie verloopt even snel en even soepel (al is het met de tone of voice wel wat meer oppassen…).

Maar –dat is de andere kant van de medaille- hoe vaak zien we elkaar dan nog? Praten we even face to face bij en kunnen we elkaar soms even de hand op de schouder leggen? Hoe vaak komen we dan nog toe aan wat persoonlijke interactie? Mogen we ons dan nog wel een Team noemen als dat bijna niet meer het geval is? En – dat is misschien wel het belangrijkste- waar is dan nog het cement dat ons bindt?

Juist dátgene dat van ons een uniek bedrijf maakt. Juist dátgene waarom vooral ook jonge mensen kiezen om bij ons aan te schuiven en met ons de uitdagingen die onze klanten ons stellen, aan te gaan. En juist ook dátgene waarvoor veel klanten bewust voor ons kiezen.

Daarom moet ik af en toe eens zwaar nadenken over Het Nieuwe Werken. Ken jij dat ook?

Send this to friend